Aan land , Journaal

Wonen hier reuzen?

Op 2 december 1642 zette een kleine ploeg Nederlanders voor het eerst voet aan land in Tasmanië. Lees hier hun verslag. 

Wonen hier reuzen?

Tasmaanse vrouw en kind door Nicolas-Martin Petit, 1802 - Collectie Muséum d'histoire naturelle, Le Havre

Pas op 1 december 1642, ruim een week nadat ze voor het eerst de kust van Tasmanië in zicht kregen, vond Tasman een geschikte ankerplaats in een beschutte baai bij 'Van Diemens Land'. Ze hadden eerst een zware storm uitgezeten, op veilige afstand van de verraderlijke rotskust.
De volgende dag ging navigator Frans Visscher met een verkenningsploeg van achttien man aan land. Ze hoorden er muziek, zagen uitgehakte treden in de bomen en sporen van vuur, maar ontmoetten de mensen die er woonden niet... Uit het verslag van Visscher: 

 

Dat zij ruim een mijl om de hoek geroeid waren, [zei Visscher,] waar zij hoog, vlak land met groente (niet aangeplant maar door God en de natuur voortgebracht), timmerhout in overvloed en een stromende waterplaats en veel lege valleien gevonden hadden (...) Dat ze geluid van mensen hoorden, ook muziek – haast als een trompet of een kleine ging – gehoord hadden, wat niet veraf geweest was, maar ze hadden niemand gezien.
Dat ze twee bomen gezien hebben (...) waarvan de stam met vuurstenen bewerkt was om erin te kunnen klimmen en vogelnesten leeg te halen. In de stam waren treden gehakt op vijf voet van elkaar, zodat zij aannemen dat hier zeer lange mensen zijn of dat de inwoners op de een of andere manier in die bomen weten te klimmen.

<p>Gravure uit 1881 toont de klimtechniek die de Hollanders voor raadselen zette</p>

Gravure uit 1881 toont de klimtechniek die de Hollanders voor raadselen zette

Tasman schrijft vervolgens: "Kort voordat we onze vaartuigen in zicht kregen, zagen we aan land (...) nu en dan een dikke rook opstijgen. We namen aan dat ons volk dat als sein deed, omdat ze zo lang wachtten met terugkeren."
Maar de verkenningsploeg had geen rookseinen gegeven. Ze zeiden dat ook zij "op verschillende momenten en plaatsen in het bos ook rook gezien hebben. Hier moeten dus buiten twijfel mensen zijn, die waarschijnlijk van buitengewone lengte zijn."

 

Pas in 1772 komen er opnieuw Europeanen naar Tasmanië. Het gaat om een Franse expeditie, geleid door Nicolas Thomas Marion-Dufresne, maar zij gaan al heel snel door naar Nieuw-Zeeland. Andere Britse en Franse ontdekkingsreizigers volgen, maar het is de expeditie van de Fransman Baudin in 1800, met de schepen Géographe en Naturaliste, die voor het eerst echt de moeite neemt om de Tasmaniërs te leren kennen.

Het contact met de Europeanen zou desastreuze gevolgen hebben voor de oorspronkelijke Tasmaniërs. Vanaf de Britse kolonisatie in 1803 is de oorspronkelijke bevolking van 5000 Tasmaanse aboriginals door conflicten en ziektes compleet uitgeroeid. In 1876 stierf de laatste volbloed-Tasmaan.

Het TMAG museum in Hobart (Tasmanië) herbergt een indrukwekkende permanente expositie over de oorspronkelijke bewoners van Tasmanië. Bekijk de video hieronder voor een virtuele rondleiding.

 

Meer weten over de oorspronkelijke bewoners van Tasmanië: