Journaal

Land in zicht!

Journaalnotities van Abel Tasman op 24 november 1642. Voor het eerst in weken zien ze land aan de horizon.

Land in zicht!

Op 24 november zagen ze een 'zeer hoog land' in het noordoosten liggen

24 November 1642

Goed weer en heldere lucht, 's middags de bevonden breedte van 42 graden 25 minuten en lengte 163 graden 31 minuten, koers behouden oost ten noorden en gezeild 30 mijlen. De wind uit het zuidwesten en daarna zuiden met een slappe topzeilskoelte. Na de middag, rond vier uur, zagen we land. We hadden het oost ten noorden van ons, naar gissing op tien mijlen. Het was zeer hoog land. Tegen de avond zagen we in het oost zuidoosten nog drie hoge bergen en in het noordoosten zagen we ook twee bergen. Dat is minder hoog dan het land om de zuid. We hadden hier een rechtwijzend kompas. 's Avonds in het eerste glas nadat de wacht opgezet was, hebben we de scheepsraad en de onderstuurlieden voorgelegd of het niet beter zou zijn het van wal in zee te steken, en gevraagd of zij dat raadzaam vonden. Er werd gezamenlijk besloten om het na drie glazen van de wal te leggen en tien glazen lang in die richting te gaan, om dan weer in de richting van het land te zeilen, zoals uitvoeriger blijkt uit de resolutie van vandaag. Zodoende voeren we 's nachts na drie glazen met zuidoostenwind van de wal af en hadden grond op 100 vadem: schoon, wit fijn zand met kleine schelpjes. Daarna wierpen we nog eens, en vonden we zwart grof zand met steentjes. 's Nachts hadden we een zuidoostelijke wind met slappe koelte.